Gelabeld Ontwikkelingssamenwekring

Mobiliteit is een intrinsieke mensenrecht, ook voor Afrikaanse jongeren

Terwijl het Afrikaanse continent jaarlijks 60 miljard dollar mist door illegale geldstromen die buiten het continent omgaan, lazen we in dagblad Trouw van 30 juli dat minister Lilianne Ploumen samen met haar Duitse en Franse collega’s met  500 miljoen Euro van de Europese  commissie, duizenden Afrikaanse jongeren ‘toekomstperspectieven’ in hun eigen landen willen bieden zodat ze niet meer naar Europa hoeven.

Twee dagen later publiceerde The Daily Telegraph een opiniestuk/pr-bericht van de Franse en Britse ministers van binnenlandse zaken onder de kop ‘Migranten denken dat onze straten met goud geplaveid zijn’. Hun stelling is dat migranten die hun toevlucht naar Europa zoeken een onrealistisch beeld hebben over wat Europa biedt. Ook minister Ploumen beweerde eerder dit jaar hetzelfde toen ze over Afrikaanse jongeren schreef ‘Het Paradijs dat zij in Europa zoeken bestaat niet’ (Volkskrant, 26 mei).

Met  veel bravoure  stelde de minister in de Volkskrant van 26 mei j.l. dat wij het probleem van bootvluchtelingen kunnen oplossen door 50 miljoen euro te investeren in de Noord-Afrikaanse economie. We zijn twee maanden verder en de minister probeert nu met haar Europese collega’s  ons wijs te maken dat zij jonge en gedreven Afrikanen hun lust om Europa te ontdekken kunnen tegenhouden met een bedrag dat lager is dan het jaarlijkse begroting is van de Universiteit van Amsterdam, waar ik studeer.

Dit is niet alleen pretentieus, het is ook minachtend jegens Afrika, het continent dat jaarlijks meer geld naar Europa stuurt dan andersom. ‘Schijnhulp’ en ‘valse goede Samaritanen’ zijn enfin geen vreemde concepten.

Daarnaast hanteren de minister en haar collega’s een verkeerde aanname. Migratiedeskundigen zoals Hein de Haas geven het al aan: economisch voorspoed houdt mensen niet in hun landen vast. Het bevordert juist mobiliteit. ‘Ontwikkeling in armste landen geeft mensen de middelen en verhoogt ambities en zal daardoor onvermijdelijk tot veel meer lange-afstandsmigratie leiden’ analyseerde hij op basis van bestaande data.

Mobiliteit is een intrinsieke mensenrecht, ook voor Afrikaanse jongeren.

We hebben te maken met een crisis dat Afrikaanse jongeren dwingt om op de Middellandse Zee met de duivel te dansen. Een duivel die wij mede gecreëerd hebben door ons rigide migratie- en asielbeleid. Is het niet verwonderlijk dat een Nederlander naar meer  dan 172 landen kan reizen zonder restricties terwijl een Soedanees maar naar 32 landen kan? Wij zien Afrikanen als ongewenst en gevaarlijk, daarom nemen zij illegale wegen om naar het paradijselijke Europa komen.

Economen zoals Philippe Legrain  geven aan dat het open stellen van grenzen juist economisch voorspoed in Europa zal bevorderen. Afrikaanse jongeren kunnen de goedkope arbeid die wij naar Afrika brengen hier uitvoeren, waardoor wij transportkosten besparen. Hierdoor zal hun potentie hier optimaal gebruikt worden en kunnen zij zelf het geld naar hun land van herkomst sturen. De Afrikaanse diaspora stuurt nu al meer geld naar Afrika dan elke vorm van bilaterale hulp bij elkaar.

We hebben te maken met een generatie van Afrikaanse jongeren die veiligheid zoeken en graag vooruit willen. Europese politici sluiten hun ogen. Zij geven het signaal dat deze jongeren een bedreiging zijn en dat ze buiten fort Europa behouden moeten worden. Het ontbreekt deze politici aan visie en moed de waarheid onder ogen te zien.

We leven in een realiteit waarin Europese landen samen miljarden investeren in het dicht gooien van hun grenzen in plaats van hun migratiebeleid te moderniseren en Afrikaanse jongeren te begeleiden om hun talenten hier in te zetten in plaats van die te verstrooien in de Middellandse zee. Afrikaanse jongeren hebben geen 500 miljoen nodig, ze willen op een ontdekkingsreis. Doe die grenzen open.

11870823_10207195929557650_5214386568186204849_n (1)Een verkorte versie van dit stuk verscheen op 8 Augustus in NRC Handelsblad.

Lees hier mijn open brief waarin ik de minister heb uitgenodigd om met mij in debat te gaan.
(Het resultaat van mijn brief is dat er waarschijnlijk een afropolitan dinner met de minister volgt, meer informatie hierover volgt snel).

 

Mijn brief aan de minister over Afrikaanse jongeren

Beste minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking,

Afrikaanse jongeren dienen begeleid en niet tegengehouden te worden.

Met veel bravoure heeft u in de Volkskrant van 26 mei j.l. beweerd dat wij het probleem van bootvluchtelingen kunnen oplossen door geld te investeren in Noord-Afrika. Door 50 miljoen euro te investeren in Nederlandse MKB’s die in Noord-Afrika willen investeren stelde u pretentieus dat daarmee duizenden Afrikaanse levens in de Middellandse Zee gespaard kunnen worden.

Dezelfde pretentieuze houding lijkt u twee maanden later weer te hebben door samen met uw Duitse en Franse collega’s te stellen dat u met  500 miljoen Euro van de Europese commissie, duizenden Afrikaanse jongeren ‘toekomstperspectieven’ in hun landen van herkomst kunt bieden, zodat ze niet meer naar Europa hoeven. Dit terwijl het Afrikaanse continent jaarlijks 60 miljard dollar mist alleen al aan illegale geldstroom die buiten het continent om gaat.

We hebben te maken met een crisis met duizenden jongeren die door het restrictieve migratiebeleid van Europa gedwongen worden om gevaarlijke padden te kiezen en hun leven te riskeren. U kiest er voor om het daar niet over te hebben en met een potje uzelf als een goede Samaritaan te manifesteren voor de ‘wanhopige’ en ‘vluchtige’ Afrikaanse jongeren. We hebben te maken met een generatie van Afrikaanse jongeren die veiligheid zoeken en graag vooruit willen. U maakt ons wijs dat wij deze jongeren kunnen/moeten tegenhouden, met een bedrag dat lager is dan de jaarlijkse begroting van de Universiteit van Amsterdam.

Beste minister, uw aannames dat Afrikaanse jongeren tegengehouden kunnen worden is fout. Migratiedeskundigen zoals Hein de Haas geven het al aan: economisch voorspoed houdt mensen niet in hun land vast. Het bevordert juist mobiliteit. Daarnaast is het niet fraai dat u als minister nu pleit voor een systeem dat jongeren buiten fort Europa moet houden. U sluit hierdoor uw ogen voor het feit dat Europa Afrikaanse jongeren hun recht om zich te bewegen en te ontplooien ontneemt, door haar rigide migratiebeleid.

Economen zoals Philippe Legrain geven al aan dat het open stellen van grenzen juist economisch voorspoed in Europa zal bevorderen. Wanneer wij Afrikaanse jongeren een veilige haven bieden kunnen zij de goedkope arbeid die wij naar Afrika brengen hier uitvoeren, waardoor wij transportkosten besparen. Hierdoor zal hun potentie hier optimaal gebruikt worden en kunnen zij zelf het geld dat zij verdienen naar hun land van herkomst sturen. De Afrikaanse diaspora stuurt nu al meer geld naar Afrika dan elke vorm van bilaterale hulp bij elkaar.

In deze tijd van crisis kunnen wij niet verder met symbolische verhalen, want u voorstel is niets meer dan symbolisch. In de tijd van crisis kunnen wij niet verder met open deuren. Ik schrijf u deze brief omdat u in uw analyse ook blind bent voor de realiteit. Een realiteit waarin Europese landen samen miljarden investeren in het dicht gooien van hun grenzen in plaats van hun migratiebeleid te moderniseren en Afrikaanse jongeren te begeleiden om hun talenten hier in te zetten in plaats van die te verstrooien in de Middellandse zee.

Beste minister,

Ik schrijf u deze brief omdat u niet wil ingaan op het systeem dat Afrikaanse jongeren dwingt om op de Middellandse Zee met de duivel te dansen. Een duivel die wij mede gecreëerd hebben door een gemondialiseerde wereld waar wij als Noorden onbeperkt de wereld kunnen ontdekken maar anderen legale wegen om fort Europa binnen te treden weigeren. Kunt u zinnig uitleggen waarom ik als Nederlander naar meer dan 172 landen kan zonder restricties terwijl een Soedanees maar naar 32 landen kan? Wij zien Afrikanen als ongewenst en gevaarlijk, daarom nemen zij illegale wegen naar het paradijselijke Europa.

Er moet inderdaad worden gewerkt aan eerlijke kansen voor Afrikaanse jongeren, zoals u dat zelf zegt minister. Dit kan echter niet door 500 miljoen euro cadeau te geven aan Europese of Afrikaanse MKB’s. Laten we ook ophouden met schijnhulp. Want, wie helpt wie wanneer blijkt dat er meer kapitaal uit het Afrikaanse continent gaat dan andersom? Daarnaast weet u als minister dat Afrikaanse landen meer kapitaal kunnen genereren door bijvoorbeeld belastingontwijking tegen te gaan, daarom heeft u zelf dit jaar met tientallen Afrikaanse landen al verdragen gesloten om belastingontwijking via Nederland tegen te gaan.

Ik kan niet anders dan u uitnodigen om een waarachtige discussie met mij te voeren. U en ik, twee stoelen, met of zonder gespreksleider, alle feiten op tafel en ieder punt op de agenda. Het mag op televisie of in een debatcentrum zijn. Het mag op u ministerie zijn, het mag op het evenement zoals Afrikadag, het mag zelfs bij u of bij mij thuis zijn. Bent u bereid om op mijn verzoek in te gaan? Ik beloof dat ik mij goed zal voorbereiden op het gesprek.

Waarom ik de minister heb uitgedaagd om met mij te debatteren over Afrikaanse jongeren

Het gebeurt vaak dat politici prachtige worden gebruiken en er mee weg komen zonder dat iemand er kritisch naar kijkt. Minister Lilianne Ploumen van Buitenlandse handel en Ontwikkelingssamenwerking probeert al enig tijd ons te overtuigen dat wij het probleem van bootmigranten kunnen oplossen door 50 tot 500 miljoen euro in de Noord-Afrikaanse economie te investeren (De 50 miljoen doneert de minister aan Nederlandse MKB’s die in Noord-Afrika willen opereren, de 500 miljoen euro moet via de Europese commissie naar de private sector in Afrika worden geïnvesteerd).

Het is pretentieus dat de minister dit zegt. Het continent dat een miljard mensen telt heeft natuurlijk niets aan 500 miljoen euro uit Europa, dat geeft de minister zelf toe. Wij weten ook dat het Afrikaanse continent jaarlijks 60 miljard dollar alleen al verliest aan illegaal geldstroom dat buiten het continent om gaat. Daarnaast stuurt het Afrikaanse continent meer geld naar Europa dan andersom. Wees dus kritisch wanneer de minister beweert dat zij Afrikaanse jongeren gaat helpen met een potje van 500 miljoen euro uit de Europese commissie, een bedrag dat lager is dan de Universiteit van Amsterdam, waar ik studeer.

Daarnaast is de aanname van de minister dat positieve economische ontwikkeling tot minder emigratie leidt compleet fout. Professor Hein de Haas legt dat op zijn blog aan de hand van beschikbare data, en verklaart tegen oneworld.nl “Ontwikkeling in armste landen geeft mensen de middelen en verhoogt ambities en zal daardoor onvermijdelijk tot veel meer lange-afstandsmigratie leiden.”

Wie verder kijkt dan symboliek komt er achter dat het voorstel van de minister een antwoord is op een afrobobe retoriek in de publieke opinie. Afrikaanse migranten worden als ongewenst en gevaarlijk gezien. Dat zien we niet alleen in de publieke opinie, we zien het terug in het strenge Europese migratiebeleid dat jonge Afrikanen weigert om Europa binnen te komen. Is het niet verwonderlijk dat ik als Nederlander naar 172 landen toe kan zonder enkele restructie terwijl een Soedanees maar naar 32 landen mag?

Dat duizenden Afrikaanse jongeren hierdoor mensensmokkelaars omarmen, gaat de minister niet op in. Zij kiest er voor om met een prachtige retoriek ons te vertellen dat het beter is dat Afrikaanse jongeren in het continent blijven, voor het goed.  Omdat het ‘Paradijs dat zij in Europa zoeken niet bestaat’, verklaarde zij in de Volkskrant van 26 mei j.l.

Lekker makkelijk. Mobiliteit is een intrinsiek mensenrechten, moeten Afrikaanse jongeren diegenen zijn die gewoon op een plek moeten blijven. Waarom vertelt de minister niet dat het open gooien van grenzen juist economische voorspoed voor zowel Europa als Afrika levert? Wie rechtvaardigheid wilt en Afrikanen wil helpen, moet dus het ook durven hebben over een systeem die Europa voordelen geeft en Afrika nadelen toe kent.

Ik heb besloten om de minister een brief te schrijven en haar uit te nodigen om mij in debat te gaan. “Ik knaagt heel diep en ik kan niet anders dan u uitnodigen om een waarachtige discussie met mij te voeren. U en ik, twee stoelen, met of zonder gespreksleider, alle feiten op tafel en ieder punt op de agenda. Het mag op televisie of in een debatcentrum zijn. Het mag op u ministerie zijn, het mag op het evenement zoals Afrikadag, het mag zelfs bij u of bij mij thuis zijn. Bent u bereid om op mijn verzoek in te gaan? Ik beloof dat ik mij goed zal voorbereiden op het gesprek.”

De openbrief die ik naar de minister heb geschreven wordt volgende week via deze blog en andere blogs gepubliceerd, of in een landelijk krant. Ik heb de brief inmiddels naar de minister zelf gestuurd.
Hou deze blog in de gaten voor het antwoord van de minister zelf en om er achter te komen hoe dit gaat aflopen.


Dit filmpje legt uit dat niemand Afrika helpt, omdat er meer geld uit het Afrikaanse continent gaat dan er binnen komt. De 500 miljoen euro van de Europese comissie is dus symbolisch en minachtend tegen het contient van een miljard inwoners.

Source photo: Facebook Page Minister Lialianne Ploumen